Brief aan Ernst Hirsch Ballin
Open brief aan Ernst Hirsch Ballin
Op 1 september 2009 heeft onze hoogste staatrechtelijk orgaan, de Staten van de Nederlandse Antillen, evenals kort daarvoor de Eilandsraad van het eilandgebied Curaçao, duidelijk en ondubbelzinnig stelling genomen tegen de door u en de Nederlandse regering voorgenomen Rijkswet personenverkeer. In onze samenleving is dus hieromtrent al een principiële discussie gevoerd.
Deze door Nederland voorgenomen wettelijke regeling is een voorbeeld van de algemene tendens in uw land, waarbij dit soort regelingen als oplossing voor problemen met Antilliaanse jongeren wordt beschouwd, zonder acht te slaan op de mensenrechten van betrokkenen. Als inwoners van de Nederlandse Antillen, ex koloniën van Nederland en dragers van een
Nederlands paspoort, hebben wij vrije toegang tot Nederland, het land van de koloniale macht.
Het aanpakken van de problemen van een specifieke groep risicojongeren in Nederland, met een rijkswet die rechtskracht heeft in het gehele koninkrijk, is zwaar geschut en geen passend middel om een probleem die in Nederland speelt op te lossen, en de oplossing dient hierdoor geen legitiem doel.
Dit is teleurstellend voor al diegenen die Nederland nog steeds als het moederland beschouwen, maar vooral verontrustend voor alle inwoners van de Nederlandse Antillen en Aruba, omdat hiermee een verkeerd signaal wordt afgegeven. Het is wederom een poging tot het weren van Antilliaanse en Arubaanse Nederlanders uit het grondgebied van het Koninkrijk in Europa, op basis van afkomst.
Laten wij elkaar niet voor de gek houden: deze wet ademt dezelfde gedachtegang als de verwijsindex Antillianen (VIA), de terugkeerregeling enz. en het heeft een repressief doel. U gaat zelfs zover dat in het kader van deze wet opsluiting van Antilliaanse en Arubaanse Nederlanders wettelijk mogelijk wordt, terwijl dit voorheen nimmer het geval is geweest. Zelfs indien de Raad van State hiervoor groen licht zou geven, zoals in het verleden heeft plaatsgevonden in het kader van de afdeling bestuursrechtspraak met de VIA, zullen wij als volk ons verzet hiertegen nooit en te nimmer opgeven.
U heeft het zeer slim gespeeld: door het personenverkeer van Nederlanders binnen het koninkrijk te vatten onder het Nederlanderschap en dus een koninkrijksaangelegenheid in de zin van artikel 3 van het Statuut, heeft u het Antilliaanse en Arubaanse volk opzettelijk buitenspel gezet. Kennelijk heeft u zich laten leiden door de debacles van uw eveneens.racistisch ingestelde voorgangers, die het verzet tegen de door hen voorgestane soortgelijke initiatieven, echter, niet hebben kunnen overkomen. Wij beschouwen uw poging als een doorzichtig juridisch spel met de grondrechten van anderen. Nederland weet immers dat consensus met de Nederlandse Antillen en Aruba op dit punt niet haalbaar is.
Aangezien wij geen enkel vertrouwen hebben dat de huidige Antilliaanse regering het woord bij de daad zal voegen, mede gezien het feit dat onze Minister President ondanks opdracht daartoe door de Staten, tot op heden weigert een duidelijk en krachtig signaal af te geven, hebben wij gemeend u op de hoogte te moeten stellen dat ook uw nieuw initiatief, namelijk de door u beoogde rijkswet personenverkeer binnen onze samenleving onaanvaardbaar is. De moties van onze Eilandsraad en Staten laten immers niets aan duidelijkheid te wensen over.
Uigaande van onze huidige staatsrechtelijke rechtspositie kan een verschil in behandeling die uitsluitend of doorslaggevend gebaseerd is op onze etnische afkomst, nimmer objectief worden gerechtvaardigd. Het feit dat door u en andere racistische Nederlandse politici ter rechtvaardiging wordt aangevoerd dat deze wet voor alle delen van het Koninkrijk zal gelden, ter voorkoming dat migratie plaats heeft om uitkeringen in een ander koninkrijksdeel te kunnen genieten, is klinkklare onzin. Geen enkele in Nederland wonende Nederlander zal bereid zijn om zijn sociale uitkering in Nederland om te wisselen voor die van Curaçao of Bonaire.
Dat in artikel 22 van deze door u voorgestelde racistische wet staat opgenomen dat zij onlosmakelijk verbonden is met het instellen van de nieuwe landen en openbare lichamen, is een gotspe en een weloverwogen poging om de discriminatoire gedachtegang die er altijd al heerste, erdoor te krijgen. Het is immers aanvaarden van de nieuwe status van land met geldbelofte en deze wet als zuur toetje of er komt geen Land Curaçao en ook geen geld. Is dit geen staatsrechtelijke terrorisme?
Als goed jurist zal u ongetwijfeld weten, dat het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) uitdrukkelijk heeft bepaald dat een onderscheid dat uitsluitend of op doorslaggevende wijze gebaseerd is op iemands etniciteit, nooit objectief kan worden gerechtvaardigd. Dat is ook de reden waarom de andere regelingen in het verleden zijn gesneuveld. Uw regering persisteert in het kwade en in het stigmatiseren van onze bevolkingen. Dit is ook een criterium waar rekening mee moet worden gehouden, indien onze grondrechten in het geding zijn. Laat er geen enkele twijfel bij u bestaan, wij zullen als samenleving met alle mogelijke middelen ons blijven verzetten tegen uw voornemen.
Wij willen ten koste van alles voorkomen dat deze wet de weg effent naar het vaker toepassen van dit soort maatregelen door Nederlandse politici, die kennelijk niet willen weten, dat wij langer deel uitmaken van het Koninkrijk der Nederlanden dan bijvoorbeeld de provincie Limburg, inclusief Venlo, de woonplaats van een andere anti Antilliaanse en door racisme gedreven politicus genaamd Geert Wilders.
Tot slot nog een passage van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens:
"Racial discrimination is a particularly invidious kind of discrimination and, in view of its perilous consequences, requires from the authorities special vigilance and a vigorous reaction". Dit laatste kunt u zonder meer van ons volk verwachten.
Ingekomen stukken 














